Kilometertellerafwijking: waarom en hoe te corrigeren?
Geplaatst: 12 aug 2010 10:41
In principe zullen alle snelheidsmeters in auto's en motoren overdrijven (de een meer dan de ander), dus in werkelijkheid rij je langzamer dan wat je teller aangeeft. Hierdoor is de kans op een bekeuring nog kleiner.
Maar dit heeft niets met de correctie op de bekeuring te maken. Het CJIB die de bekeuringen moet innen geeft op het verbaal de gemeten snelheid voor correctie, en de gemeten snelheid na correctie aan. Die correctie is er niet voor ons weggebruikers, maar die is er om bezwaarschriften en processen tegen te gaan. Elke meetapparaat heeft een bepaalde afwijking (zowel positief als negatief) bij gebruik. Of je nu een duimstok, stopwatch of lasermeetapparaat neemt, alles heeft een afwijking, ook al is het maar bijna onmeetbaar klein. Daarnaast zorgt het gebruik ook nog eens voor een afwijking. Voor flitspalen en controles langs de weg zijn er regels hoe de camera opgesteld moet worden (hoogte en hoek waaronder gemeten wordt) om te voorkomen dat de afwijking in de meting te groot wordt. Er zit dus een bepaalde spreiding in de resultaten, en om te voorkomen dat iemand een bekeuring krijgt voor een hogere snelheid dan hij/zij daadwerkelijk gereden heeft, wordt deze aftrek van 3% gedaan. Omdat er alleen hele kilometers gemeten worden is bijvoorbeeld 3% van 30 km/u maar 1 kilometer verschil, en aangezien dat gewoon (te) weinig is, wordt bij lagere snelheden een vaste correctie gedaan.
M.b.t. het feit dat de kilometertellers van motoren onnauwkeuriger zijn dan die van auto's denk ik dat je deels gelijk hebt. Bij motoren speelt een factor extra mee, die bij auto's minder speelt. De banddiameter van een motorfiets veranderd bij hoge snelheden meer dan bij auto's, omdat deze veel stijvere banden hebben. Daarnaast is de maximale afwijking van de band-buitendiameter (ook wel bandhoogte genoemd) groter dan bij auto's. Verschillende merken/modellen motorbanden met dezelfde opgegeven maat, blijken na plaatsing toch aanmerkelijk in maat te verschillen. Dat valt soms op doordat de achterband ineens de grond raakt als de motor op de bok staat, of doordat deze tegen de hugger aanloopt..... Ook bij mij in de bandendemonstratiekast zitten er zichtbaar forse verschillen in de displays om de band er in te passen.....
En aangezien alle snelheidsmeters op motoren werken met het tellen van het aantal omwentelingen van het wiel (zowel direct met een opnemer in het voorwiel of indirect met een opnemer in het motorblok) geeft een diameterverandering van het wiel een afwijking tussen werkelijke en gemeten snelheid.
Oplossing:
voor veel motoren is een correctiekastje (zoals bijvioorbeeld de SpeedoHealer) te koop die je eenmaal moet ijken, en die de aangegeven snelheid corrigeert naar een waarde die veel dichter bij de werkelijke waarde ligt. Zeker bij toepassing van een andere bandenmaat of andere kettingwielen kan dit nuttig zijn.
Maar dit heeft niets met de correctie op de bekeuring te maken. Het CJIB die de bekeuringen moet innen geeft op het verbaal de gemeten snelheid voor correctie, en de gemeten snelheid na correctie aan. Die correctie is er niet voor ons weggebruikers, maar die is er om bezwaarschriften en processen tegen te gaan. Elke meetapparaat heeft een bepaalde afwijking (zowel positief als negatief) bij gebruik. Of je nu een duimstok, stopwatch of lasermeetapparaat neemt, alles heeft een afwijking, ook al is het maar bijna onmeetbaar klein. Daarnaast zorgt het gebruik ook nog eens voor een afwijking. Voor flitspalen en controles langs de weg zijn er regels hoe de camera opgesteld moet worden (hoogte en hoek waaronder gemeten wordt) om te voorkomen dat de afwijking in de meting te groot wordt. Er zit dus een bepaalde spreiding in de resultaten, en om te voorkomen dat iemand een bekeuring krijgt voor een hogere snelheid dan hij/zij daadwerkelijk gereden heeft, wordt deze aftrek van 3% gedaan. Omdat er alleen hele kilometers gemeten worden is bijvoorbeeld 3% van 30 km/u maar 1 kilometer verschil, en aangezien dat gewoon (te) weinig is, wordt bij lagere snelheden een vaste correctie gedaan.
M.b.t. het feit dat de kilometertellers van motoren onnauwkeuriger zijn dan die van auto's denk ik dat je deels gelijk hebt. Bij motoren speelt een factor extra mee, die bij auto's minder speelt. De banddiameter van een motorfiets veranderd bij hoge snelheden meer dan bij auto's, omdat deze veel stijvere banden hebben. Daarnaast is de maximale afwijking van de band-buitendiameter (ook wel bandhoogte genoemd) groter dan bij auto's. Verschillende merken/modellen motorbanden met dezelfde opgegeven maat, blijken na plaatsing toch aanmerkelijk in maat te verschillen. Dat valt soms op doordat de achterband ineens de grond raakt als de motor op de bok staat, of doordat deze tegen de hugger aanloopt..... Ook bij mij in de bandendemonstratiekast zitten er zichtbaar forse verschillen in de displays om de band er in te passen.....
En aangezien alle snelheidsmeters op motoren werken met het tellen van het aantal omwentelingen van het wiel (zowel direct met een opnemer in het voorwiel of indirect met een opnemer in het motorblok) geeft een diameterverandering van het wiel een afwijking tussen werkelijke en gemeten snelheid.
Oplossing:
voor veel motoren is een correctiekastje (zoals bijvioorbeeld de SpeedoHealer) te koop die je eenmaal moet ijken, en die de aangegeven snelheid corrigeert naar een waarde die veel dichter bij de werkelijke waarde ligt. Zeker bij toepassing van een andere bandenmaat of andere kettingwielen kan dit nuttig zijn.